HomeTrainingenVNVA symposia/congressenHoe heb jij het Gendersymposium ervaren?

Hoe heb jij het Gendersymposium ervaren?

Door Wybrich Cnossen

 

Na een heerlijke lunch met tussendoor kennismaking en gesprekken met deelnemers van het middagsymposium, werd door Hedwig Vos de opening en welkomstwoord gegeven van een leerzame middag over genderspecifieke zorg.

Hoewel verschillende tussen mannen en vrouwen bekend zijn, werd ik met herkenbare voorbeelden van sociale en zorg gerelateerde verschillen tussen mannen en vrouwen toch verrast tijdens de eerste presentatie van Toine Lagro. Een weg naar gender specifieke gezondheidszorg met verdere implementatie van het topic ‘gender’ in medische curricula ligt nog open.

 

Marjolein Blüm verhelderde de pijlers van Women Inc. met concrete voorbeelden en een opsomming van de ondernomen acties in de afgelopen jaren. Vele punten hebben raakvlakken met de VNVA. Bijzonder om te ervaren dat door inspanningen van deze organisatie, met name het uitoefenen van druk, directe aanpak van actuele thema’s geassocieerd met vrouwen er steeds meer erkenning en verbeterplannen worden gerealiseerd.

De derde spreker opende haar presentatie met een persoonlijke anekdote over een genderspecifieke zorgelijke situatie en ziektebeloop wat mij zeer aangreep. Kinderarts en directeur Beleid en Advies van de KNMG, Gilliam Kuijpers vertelde wat de kenmerken zijn van goed medisch leiderschap. Een opvallend en belangrijk aspect van het hoogste niveau van leiderschap is de eigenschap van het vormen van een langdurig en duurzaam succes, ook bij het verlaten van het systeem.

 

Introductie workshops

Drie vrouwelijke artsen waren de genodigde sprekers voor een moment van introductie en het leiden van een workshop. Het antwoord op de vraag of hart- en vaatziekten allemaal met de vrouwelijke hormonen heeft te maken, blijft Jeanine Roeters van Lennep ons nog schuldig. Meer onderzoek en financiering zou hiervoor moeten worden vrijgemaakt.

Wat betreft de associatie tussen ADHD en gender vertelde Sandra Kooij op een enthousiaste wijze dat in algemene bevolkingsstudies onder jongeren de diagnose ADHD bij meisjes 3x minder frequent wordt vastgesteld dan bij jongens. Daarnaast zou de verhouding van ADHD op volwassen leeftijd wel weer evenredig zijn verdeeld. Hierbij was voor mij een eyeopener dat ADHD bij jonge vrouwen zich totaal anders openbaart dan de (algemeen bekende) kenmerken van ADHD bij jonge mannen. Dromerigheid, traag en besluiteloos zijn, vermoeidheid, concentratiestoornis, woede-uitbarstingen en stemmingswisselingen zijn eigenlijk de typische ADHD eigenschappen van jonge vrouwen. Onderkenning van deze kenmerken bij genderverschil heeft tot gevolg dat de diagnose ADHD pas op volwassen leeftijd bij vrouwen wordt gesteld.

Monique Steegers deelde met ons haar ervaringen als pijnspecialist, een jong vakgebied bestaande sinds 6 jaar. Hersenactiviteit en hormonen zijn factoren die de pijnbeleving oftewel de pijngrens kunnen beïnvloeden. Wetenschappelijk bewijs zou er bestaan voor de geslachtsspecifieke Toll-like receptor 4, maar hierover is het laatste woord ook nog niet gezegd.

 

Follow-up pre-eclampsie?

Ik volgde de workshop over gender in de hart- en vaatziekten waarbij een casus werd besproken over een vrouw met een acuut myocardinfarct. Een leerzame bevinding hierbij was dat naast de bekende cardiovasculaire risicofactoren (hypertensie, hypercholesterolemie, roken, diabetes mellitus, lichamelijke activiteit, overgewicht), de deelnemers ook vrouwspecifieke risicofactoren wisten te benoemen. De zogenaamde ‘reproductieve risicofactoren’ bestaan uit polycysteus ovarieel syndroom, een vroege menopauze, overbeharing, verminderde cyclus, vroeggeboorte, recidiverende miskramen, intra-uteriene verminderde groei, zwangerschapshypertensie en –diabetes. Met het praktische voorbeeld uit de kliniek werden de feiten zo helder gepresenteerd dat er discussie ontstond over de huidige NHG richtlijnen van het in kaart brengen van het cardiovasculair risicomanagement bij (jonge) vrouwen. Voor mij was de les van deze sessie het volgende. Vrouwen met (vroege) pre-eclampsie (< of >34  weken zwangerschap) dienen na de bevalling een stringente follow-up in te zetten via de huisarts danwel de vasculair-internist vanwege het feit dat deze vrouw een 8x hoger risico heeft op hart- en vaatziekten. Een richtlijn hierover is van harte welkom om eenduidig beleid te voeren.

 

Wat een dag!

Als ik in een aantal woorden deze dag zou moeten omschrijven, dan kies ik voor de termen: enthousiasme en openheid van deelnemers, engagement, multidisciplinair, ervaring delen, leerrijk.
Op de terugweg bood ik aan een deelneemster een lift aan naar station Veenendaal, ondanks de korte loopafstand. Ja, hier doe je het toch ook voor. Die saamhorigheid en netwerken, nog twee woorden passend bij deze dag, horen ook bij de VNVA.

 

Klik hier voor het verslag van Ineke Postma.

VNVA in het kort

  • De VNVA behartigt de belangen van de vrouwelijke artsen. De vereniging acht het van groot belang dat alle vrouwelijke artsen hun talenten optimaal kunnen benutten en daardoor een hun passende positie in de gezondheidszorg kunnen innemen. Tevens zet de vereniging zich in voor het inweven van seksespecifieke geneeskunde in opleiding en praktijk. Daarbij stimuleert de VNVA de gewenste maatschappelijke veranderingen…

Volg ons

VNVA op sociale media