HomeVan de voorzitterVoorwoord nieuwsbrief november 2017

LydiaHet roer moet om: (on)tregel de zorg; nieuwsgierige huisartsen (NHG congres Huisarts Universalis), een alumni-dag van mijn universiteit (carrièrepaden in de geneeskunde) of een KNMG-bijeenkomst (de dokter en de dood), allemaal bijeenkomsten waar ik heen ga met onder andere mijn VNVA pet op (wel of niet zichtbaar). Bijeenkomsten die heel inspirerend zijn en waarbij wij elkaar als artsen inspireren.

Er wordt van alles georganiseerd en ik vind het leuk om verschillende verhalen te horen van mensen die bevlogen zijn over hun werkzaamheden. Ook geeft het de gelegenheid om je eigen mening of het genderperspectief in te brengen. Ik leer er wat voor mijn eigen praktijkvoering of ik profiteer van de netwerkgelegenheid voor de VNVA. Ik vind het geen straf om deel te nemen. Ik kom er ook veel vrouwelijke collega’s tegen…

Binnen de agenda’s van vrouwelijke dokters zoeken wij als VNVA ook een plekje. Maar dat valt niet mee. Werkdruk is een centraal thema, jonge en oudere collega’s lopen vast in wat ze allemaal moeten doen en burn-out lijkt veel voor te komen. Het dwingt mensen om keuzes te maken en dat is ook begrijpelijk. Het is alleen jammer dat wij buiten de keuze vallen en alle initiatieven die wij ontplooien doodlopen op een gebrek aan deelnemers.

Voorheen voelden wij ons met elkaar verbonden en konden we door ervaringen te delen elkaar steunen. Met een meerderheid aan vrouwelijke artsen lijkt het overdreven om daar een aparte vereniging voor te hebben. Toch blijkt uit verkenningen dat wij wel bestaansrecht hebben, maar het is nu zoeken naar de juiste vorm. Deze vorm zal in de nabije toekomst een geheel andere basis gaan krijgen als er zich niet meer mensen in willen zetten voor de VNVA of gebruik willen maken van de activiteiten die ontplooid worden.

De belangrijkste doelen van de VNVA: “belangenbehartiging voor vrouwen in de geneeskunde” en “geneeskunde voor vrouwen” kunnen op verschillende manieren bereikt worden. Wat in de huidige verhoudingen vooral belangrijk lijkt is hoe dokters (zowel mannen als vrouwen) een gelijkwaardige balans kunnen vinden in hun professioneel functioneren én ook nog plezier te hebben in hun werk en hun bestaan daarbuiten. Vrouwspecifieke factoren worden alom onderkend als we de carrièremogelijkheden bespreken en de universiteit kan er niet onderuit om daar rekening mee te houden. Aandacht voor vrouwspecifieke geneeskunde krijgt steeds bredere ondersteuning, wij bieden daarin niet meer het enige podium: het wordt steeds meer ingebouwd in de opleidingen. Er is dus heel veel gerealiseerd!

Op de diverse bijeenkomsten waar ik was zie je aan de ene kant de knelpunten die er zijn, maar tegelijkertijd worden de gereedschappen aangereikt om deze te overwinnen. Dit geldt voor carrièrekansen, voor administratieve druk en autonomie, voor betere zorg samen met de patiënt of ethische dilemma’s. Door er samen over te discussiëren kom je verder.

Zo zie ik ook de bijeenkomsten die wij organiseren voor onze leden: we stellen problemen aan de orde die voor ons relevant zijn en samen zoeken we naar een manier om deze te overwinnen. Het zou mooi zijn als we daar mee door kunnen gaan.

 

- Lydia Ketting-Stroet, voorzitter a.i.

VNVA in het kort

  • De VNVA behartigt de belangen van de vrouwelijke artsen. De vereniging acht het van groot belang dat alle vrouwelijke artsen hun talenten optimaal kunnen benutten en daardoor een hun passende positie in de gezondheidszorg kunnen innemen. Tevens zet de vereniging zich in voor het inweven van seksespecifieke geneeskunde in opleiding en praktijk. Daarbij stimuleert de VNVA de gewenste maatschappelijke veranderingen…

Volg ons

VNVA op sociale media