HomeVan de voorzitter

Van de interim voorzitter

image-2015-01-28 NHS verkleindVan 10 tot en met 14 januari was ik als voorzitter van de VNVA mee op de Zorginnovatiereis, een strak en vol geplande studiereis naar Londen met bestuurders van onder andere zorgverzekeraars, ziekenhuizen, AMS, LHV, patiëntenverenigingen en zorgprofessionals. Na de oplopende spanningen rond de zorgwet en artikel 13, net voor de kerstvakantie, bleek deze crisis de urgentie te hebben bepaald om met elkaar in gesprek te blijven, als bestuurders onderling maar vooral ook met de zorgverleners en met degene waar we het allemaal voor doen: de patiënt (en uiteindelijk worden we dat allemaal wel een keer) en ook tijdig te luisteren naar zorgen die spelen. Het grote struikelblok blijft de opvatting van ‘kwaliteit’ en de consequenties daarvan, en de kans is groot dat de discussie het komende jaar wel verder zal worden gevoerd.

Heeft Engeland de oplossing? Ik denk dat we volmondig kunnen zeggen dat we daar weinig van gemerkt hebben. Ook in Engeland is het meten van kwaliteit nog in ontwikkeling, al worden daar al wel beslissingen over het implementeren van medicatie en technologie verbonden aan QALY ‘s. De religie van de UK, zo werd de top down geleide NHS door diverse sprekers genoemd, faalt regelmatig maar door de nauwe banden met de politiek en het geloof in gratis zorg voor iedereen zijn hervormingen moeizaam. De bezuinigingen op thuiszorg en allerlei sociale voorzieningen hebben ook geleid tot een steeds grotere druk op huisartsen en ziekenhuiszorg, en dagelijks wordt er wel een groter of kleiner zorgschandaal in de media uitvergroot. Het is dan ook opmerkelijk dat recent gekozen is voor een bottom up benadering: groepen van huisartsen in een bepaalde regio kopen als ‘clinical commissioning groep’ zorg in van tweede lijn, ambulance, sociale zorgvoorzieningen etc. met als doel goede zorg, gericht op de populatie en kosten effectief. De patiënt komt centraler te staan en er wordt beter op kwaliteit gelet (met als uitgangspunt ‘aan welke zorgverlener vertrouw jij je vriend of vriendin toe?’). Overigens zijn er veel vrouwelijke artsen werkzaam in Engeland. We hebben heel enthousiaste initiatieven gezien, maar vooralsnog klaagt iedereen over de hoge werkdruk en liggen de ziekenhuizen overvol. Toch gaf het iedereen wel een impuls om ook in Nederland meer te kijken naar regionale samenwerking en een grotere rol voor de eerste lijn (en daar ook de tijd voor te nemen).

Naast de officiële bezoeken en dagelijkse discussieronden zijn de wandelgangen (of busmomenten of pauzes of eetmomenten) bij dit soort reizen erg belangrijk. Vanwege de zogenaamde Pendleton rules kan ik niet alles opschrijven, maar naast de zorgen over de financiering van zorg zijn er zeker een aantal VNVA thema’s aan de orde geweest. Gendersensitieve zorg is ook bij de patiëntenverenigingen doorgedrongen en we moeten als VNVA maar eens gaan kijken welke rol we hierin kunnen spelen, zowel bij het implementeren van zorg als het empoweren van patiënten. De ingangen zijn er.

Nadat ik al met diverse bestuurders had gesproken over het belang van diversiteit werd ‘ons thema’ zomaar in de schoot geworpen door een plenaire sessie over vrouwen in de zorg. Spreekster was Nikki van der Gaag, die een boek heeft geschreven over ‘Feminism and men’ en liet zien dat het aantal vrouwen in hoge posities in Nederland relatief laag ligt. In de zorg is dat weliswaar 30%, maar het is geen afspiegeling van de man vrouw verdeling in de zorg zelf. Want dat laatste, de feminisering van de zorg, blijkt voor velen een reden tot aandacht en misschien wel tot zorg. Het lijkt me goed om dit thema als VNVA ook verder op te pakken en te kijken welke bijdrage wij in deze discussie kunnen leveren. In de volgende nieuwsbrief zou ik hiermee graag een begin willen maken, juist omdat bestuurders ook willen dat hierover wordt nagedacht.

Positief was in elk geval dat veel (mannelijke) bestuurders actiever zijn om bewust te letten op diversiteit. Mannen en vrouwen in managementteams leiden echt tot betere samenwerking en beslissingen, zo was de algemene teneur. Volgens velen zijn bij mannen en vrouwen mogelijkheden tot flexibel werken bespreekbaar, maar is de ambitie niet altijd duidelijk of mensen verder naar de top willen. Tegelijkertijd werd ook erkend dat vrouwen soms net meer dan mannen een duwtje moeten krijgen om een stap te nemen en dat soms gewoon niet aan vrouwen wordt gedacht. Mochten we nog eens verder willen praten over dit thema, dan kunnen we wel een paar sprekers uit de groep benaderen.

Dat vrouwen soms wachten tot ze gevraagd worden, werd mooi geïllustreerd door een andere spreekster, Chief Medical officer Dame Sally Davis, de hoogste adviseur op het gebied van gezondheidszorg. Zij vertelde over haar carrière die startte met twijfels of ze wel zou kunnen waar ze voor gevraagd was, haar lef om dingen aan te pakken en haar methode ‘neus dicht en in het diepe springen want meestal gaat het wel goed’. En kwam het door de urgentie van artikel 13 of toch door een kwart vrouwen in de groep dat er meer gediscussieerd werd en naar elkaar werd geluisterd en dat de intenties om beter samen te werken voor een gezamenlijk doel dit jaar veel meer naar voren kwam? We gaan het merken en ik hoop ook van jullie input te krijgen om ook achteraf meer uit deze reis te halen voor de VNVA.

 

 

Lees meer...

 

Hoofdredacteur van Medisch Contact Hans van Santen stelt minister Schippers een vraag over de Zorgnota 2015. © Medisch Contact/Hanna van de Wetering

Een primeur: het eerste ontbijt met de minister. Op 17 september, na Prinsjesdag en voor de Algemene Politieke Beschouwingen, was ik als VNVA voorzitter uitgenodigd voor Het ontbijt met de minister, georganiseerd door Medisch Contact. Met bijna de helft vrouwen (met grof geschat een gemiddeld lagere leeftijd dan de aanwezige mannen) had de organisatie haar best gedaan voor een redelijk divers publiek van een stuk of zeventig zorgprofessionals en bestuurders. Na een lopend ontbijt volgde een korte presentatie van minister Schippers, die net als organisator Medisch Contact hoofdredacteur Van Santen, begon met ons te herinneren dat om half negen s ochtends al heel veel artsen en verpleegkundigen en verzorgenden hard aan het werk zijn. Zij vervolgde met de cijfers over de economie waarover we na Prinsjesdag iets optimistischer mogen zijn. Schippers erkende de problemen en onzekerheden in de zorg en de gevolgen voor met name kwetsbaren in de samenleving, maar benadrukte ook te kijken naar zaken wel goed gaan zoals op het terugdringen van complicaties bij operaties. Kernboodschappen zijn kostenbeheersing, kwaliteit en de groeiende technologie. Volgens Schippers in 2015 het jaar van de transparantie en zullen de cijfers spreken. Wat me het meest opviel was haar verwijzing naar de rol van de arts in de zogenaamde stringente pakketbeheersing en haar opmerking de arts te steunen in deze rol. Ze vertelde in gesprek te gaan met artsen over hun rol in het (niet)toewijzen van zorg en de verantwoordelijkheid van artsen, in tegenstelling tot inkrimping van het pakket van bovenaf.

Frank de Grave, die erkende geen ochtendmens te zijn, was het in grote lijnen met de minister eens. Hobbels zoals de integrale bekostiging en de zorgen over de transities moeten we toch gaan doen, waarbij hij pleit voor het maken van goede afspraken en het voorkomen van machogedrag, waarbij hij dwang en drang bedoelde. De nieuwe LHV voorzitter Ella Kalsbeek refereerde ook even aan de succesjes, maar vervolgde een stuk kritischer. Zij maakt zich zorgen over de spagaat waarin individuen terecht kunnen komen nu we mensen zoveel mogelijk aan het werk willen hebben en tegelijk ook veel (mantel)zorg moeten gaan bieden. Ze zei het niet, maar ik denk dat we dit als vrouwen die vaak meer zorgtaken aantrekken echt wel gaan voelen. Daarnaast hield ze een pleidooi voor het verkleinen van de huisartsenpraktijken omdat de verwachting is dat substitutie vanuit de tweede lijn en de wijzingen jeugd- en ouderenzorg een grote wissel zullen trekken op de huisarts. Ook Lode Wiggers, directeur KNMG, hield een pleidooi. Hij verwoordde de zorg van veel artsen die steeds vaker gevraagd worden om medische gegevens van patiënten ter beschikking te stellen aan gemeenten, politie en andere instanties. Hij verwees naar de regelgeving en de achterliggende reden, namelijk het waarborgen van het vertrouwen in de arts. Als patient moet je altijd je persoonlijke verhaal kunnen doen zonder dat je bang hoeft te zijn dat deze gegevens zonder toestemming aan derden wordt meegedeeld. Schippers' reaktie was dat zij begrip heeft voor deze zorg, maar dat er ook moet worden gekeken naar het maatschappelijk belang, zoals veiligheid en fraudebestrijding. Hierover zal nog verder worden gesproken met de KNMG.

In het korte rondje vragen stellen viel op dat alleen vrouwen een vraag stelden. Nienke Nieuwhuizen, voorzitter van Verenzo, vroeg de minister naar middelen om meer richtlijnen en afspraken te krijgen over de wijze waarop wordt omgegaan met ouderen die thuis blijven wonen. Schippers vond dit vooral iets voor de beroepsgroepen, en benadrukte dat mensen die echt niet meer thuis kunnen wonen ook een plek moeten krijgen. Henriette van der Horst, hoogleraar huisartsgeneeskunde en VNVA lid, wees Schippers op haar opmerking over het belang van feiten, en de wijze waarop feiten dan worden geïnterpreteerd. Ze refereerde aan het onderzoek over zorgweigeraars. Uit enquêtes lijkt dit een probleem maar volgens Schippers valt het probleem mee. Schippers legde uit dat het gaat om tussentijdse enquêtes omdat de cijfers voor bezoeken aan ziekenhuizen en de gevolgen van verhoging van het eigen risico pas in de loop van volgend jaar bekend zijn en we dan pas feiten hebben. Orthopeed in opleiding en medeauteur van het visiedocument 2025 Suzanne Witjes vroeg de minister hoe zij samenwerking tussen werknemers in de zorg kan waarborgen met het oog op de nieuwe plannen. Schippers wist meteen dat het over artikel 13 ging en kende ook het rapport nog. Volgens haar is het afschaffen van artikel 13 nodig om goede kwaliteit te waarborgen en solidariteit te garanderen van bijvoorbeeld jonge mannen die nauwelijks zorgkosten maken. De meerwaarde van samenwerking staat haar duidelijk voor ogen.

Ik was verrast door de positieve ontvangst van het verhaal van de minister, maar dat had waarschijnlijk ook te maken met de positieve presentatie van de minister, de beperkte tijd, ieders beleefdheid en onbekendheid met de plannen die de dag ervoor bekend waren gemaakt. Dat er grote zorgen zijn werd niet uitgewist, vooral de onzekerheid over de impact van de komende transities per 2015 was duidelijk, maar de stemming lijkt nu 'we moeten er maar wat van gaan maken, we zien het wel'. Het meest boeiend was het napraten met een aantal professionals en bestuurders waarbij we spraken over feminisering van de zorg, leiderschapsinitiatieven, plattelandsdokters, de transities en natuurlijk ook n=1 casuïstiek van patiënten en de gevolgen van de nieuwe plannen. Dat er in het publiek nog wel scepsis is over de plannen werd daarin wel duidelijk...

 

Lees meer...

Ligt het aan mijn nieuwe functie dat mijn oog er meer op valt, of is de aandacht in de media voor man-vrouw verschillen inderdaad toegenomen? Te veel vrouwelijke rechters, nu ook vrouwelijke legowetenschappers, artikelen over persoonlijke ervaringen van stellen (waarbij opvalt dat mannen vaak meer verdienen en vrouwen meer zorgen), interviews met topvrouwen die geen belemmeringen zien, Neelie Kroes die het openlijk gaat opnemen voor vrouwen om hogerop te komen, het man-vrouw quotum dat Juncker zich heeft opgelegd, de constatering dat 30% vrouwen in topfuncties voorlopig niet haalbaar is, de ondergang van de man volgens De Groene Amsterdammer, het Zomergasten succes van wiskunde meisje Ionica Smeets, het probleem van Jeroen Pauw dat er geen vrouwen te vinden zijn voor zijn talk show, Women Inc op pad met geldbaden om loonverschillen inzichtelijk te maken en het opnieuw grote aantal vrouwelijke studenten dat vol goede moed aan geneeskunde gaat beginnen.

Sommige thema's doen nog wat stof opwaaien, en meestal gaat het over het herhalen van verklaringen zoals hoe competent vrouwen zijn (maar het vaak niet wordt gezien of ze het niet laten zien), over de zorgtaken (vrouwen zijn nu eenmaal verantwoordelijker en kunnen meer tegelijk) en de druk van de participatiesamenleving. Over de peer pressure om je kind toch wel een paar dagen per week zelf op te voeden, of juist het gebrek aan durf om meer te willen, of de slechte kinderopvangvoorzieningen. Mannen die niet meewerken of juist profiteren van de part-timesamenleving. De gedachte dat het nog wel gaat komen met die vrouwen met de tijd of de constatering dat we de ultieme parttime samenleving hebben gecreëerd en dat vrouwen helemaal niet naar de top hoeven. Over de goede uitkomstmaten van gemengde teams (vooral een derde vrouwen zou goed werken) en verder psychologische thema's als onzekerheid van vrouwen over hun kunnen, hun perfectionisme en hun empathie en vaak betere communicatievaardigheden waardoor ze enerzijds uitermate geschikt zijn voor het artsenvak en anderzijds ook meer moeite kunnen hebben met de 'geneeskundecultuur' van lange werkdagen en hoge productiviteit. En zo wordt er nog veel meer onderzocht en geschreven over de (elkaar soms ook tegensprekende) feminiene eigenschappen , gevolgen en interactie met onze maatschappij.

 

Wat hebben vrouwelijke artsen en al die nieuwe studentes hieraan? Zijn het niet teveel stereotyperingen die als een horoscoop werken? Zijn we niet allen uniek en autonoom en kunnen we dat vrouwelijke wel weglaten? Of herken je toch iets van die feminiene kanten zodat je je zelf soms beter kan begrijpen en ook de reactie van anderen op jou? En in het vervolg daarop: ben je mogelijk een andere arts dan je mannelijke collega? Zullen de geneeskunde en de geneeskundecultuur veranderen? Kunnen we de toenemende aandacht voor praten over het levenseinde, shared decision making en meer aandacht voor werktijden ook zien in samenhang met de feminisering van de geneeskunde? Of is het een mooi verpakte manier om de zorg goedkoper en efficiënter te maken? Moeten de masculiene kanten van vrouwen wat meer in de strijd gegooid worden? Of is dat achterhaald en zorg je er vooral voor dat jij het naar je zin hebt op je werk en privé? Het lijkt me boeiend te horen over jullie ideeën over de toekomst van de feminisering van de zorg of dat de aandacht mogelijk overtrokken is. Misschien kunnen we een boeiende discussie starten in de nieuwsbrief, op de website, tijdens het netwerken op het symposium of gewoon met je (mannelijke en vrouwelijke) collega's.

 

 

Lees meer...

Als onderdeel van de Zorginnovatiereis 2014 was op 26 augustus een terugkommiddag gepland. Met een groot aantal bestuurders (en opvallend meer vrouwen dan tijdens de reis!) van onder andere artsenverenigingen, zorgverzekeraars, patiëntenverenigingen, bankwezen en private sector luisterden we naar Raul Mill, bestuurder bij de Estse E-health Foundation. Met een strakke regie vanuit de overheid, met een zorgverzekeraar (à la NHS) en 21 ziekenhuizen en minder dan 500 huisartsen is een goedlopend EPD systeem ontwikkeld waarbij de patiënt ook inzicht heeft in eigen dossiers. Toch lag de focus in onze tafeldiscussies niet op het EPD, maar juist op het implementeren van E-health voor behandeling en zelfmanagement. 

Minister Schippers heeft grote ambities voor het faciliteren van E-health programma's voor chronisch zieken, beeldschermconsulten voor ouderen en de behoefte van de patiënt meer centraal te staan. Knelpunten zijn er genoeg: financiën, gebrek aan standaardisatie, onvoldoende bewijs van werkzaamheid en onbekendheid bij dokters en zorgorganisaties over de mogelijkheden. In de terugkoppeling van meerdere discussiegroepen kwam naar voren dat er door E-health allerlei standaardprocessen sneller doorlopen kunnen worden (bijvoorbeeld de patiënt levert zelf al informatie aan, er is een vast behandelschema) en er meer ruimte ontstaat voor de zogenaamde 'special added value of the doctor'.

Gezien het strakke programma was er geen gelegenheid om andere thema's aan te snijden, maar wat ik vooral meeneem naar de VNVA is de vraag of vrouwelijke artsen mogelijk snellere adaptors zijn van E-health programma's en kansen zien om de zorg te verbeteren. Graag hoor ik terug hoe jullie ervaring is met E-health, of jullie programma's kunnen aanbevelen, mogelijk ook op het gebied van genderspecifieke zorg, Het zou leuk zijn deze ervaringen terug te kunnen koppelen, want met zoveel bestuurders merk je dat de intentie om E-health te gaan doen groot is, maar de insteek op de werkvloer erg onduidelijk is. En vertaalslagen moeten we zeker maken: ik had een uitdraai van een pagina patiëntendossier mee van een 80 jarige mee. Dat was voor de bestuurders aan tafel toch wel een eye opener, want ja, je kunt wel inzicht hebben maar of je er iets van begrijpt?

Lees meer...

De geslaagde veiling voor het Novib Oxfam onderwijsproject in Uganda tijdens het VNVA lustrum congres kreeg nog een vervolg: Corrie Hermann en ik waren uitgenodigd bij Novib directeur Farah Karimi om eens te praten over samenwerking. Farah was onder de indruk van het enthousiasme van de VNVA leden en zo zaten we in Den Haag te praten over ontwikkelingssamenwerking, vrouwelijke artsen, raakvlakken en.. vrouwencondooms. Oxfam Novib blijkt al jaren bezig met het op de kaart zetten van het vrouwencondoom, een wat vormeloze plastic zak met twee nuvaring achtige ringen waaraan je in je anticonceptieadvies in Nederland meestal niet denkt. Met groot enthousiasme vertelde Farah over het proces om vrouwen meer zeggenschap over hun seksuele gezondheid (inclusief soa risico) te geven. Nadat kwaliteit en gebruiksgemak gegarandeerd waren (een project apart) moest het nog richting Afrikaanse gebruikers. Omdat het toch een wat vreemd product was werd niet gekozen voor overtuigen met medische argumenten maar voor de strategie van de markt. Met fancy verpakkingen en namen als ‘Elegance’, gepromoot door enthousiaste gebruiksters werd de distributie verzorgd vanuit kapperszaken. In die regio’s, zo vertelde Farah, raakt het vrouwencondoom ‘hip’ en het wat zuigende geluid werd geframed als ‘bij echte mannen maakt het geluid’. Vrouwen blijken zich vrijer en veiliger te voelen, en gebruiken het preventief omdat ‘ze misschien wel verkracht kunnen worden’. Corrie trok gelijk de verbinding naar Aletta Jacobs, die in het pessarium, een voorloper van het vrouwencondoom, een belangrijke stap naar meer vrijheid voor de vrouw zag. Dus zeker een gemeenschappelijk thema om samen met Oxfam Novib nog eens verder over te praten.

En nu de VNVA. Ik maak de link vanwege drie aspecten die in dit project zo goed lijken te werken: zorg voor een goed product, verpak je boodschap aantrekkelijk en ga netwerken. Uit de grote enquête van twee jaar geleden bleek dat de VNVA nog steeds van waarde is, maar dat de uitstraling wat kleurloos is geworden en niet altijd meer zo duidelijk is waarvoor we staan. Terugkerend naar het vrouwencondoomproject: dan scoren we op alle punten niet zo goed. Toch gebeurt er van alles (bijvoorbeeld het lustrum in Noord Nederland, samenwerking met andere organisaties zoals Women Inc, workshops op universiteiten) en er is nog genoeg te doen, denk aan de werkloze jonge klaren, de moeite die het nog steeds kost om een goede werk privé balans te vinden, seksuele intimidatie, etc. Op dit moment zijn we als bestuur bezig om te kijken hoe en waarmee we leden en vrouwelijke artsen in het algemeen kunnen ondersteunen. Daarbij zullen we ook moeten kijken naar de verpakking en PR. Het belang van diversiteit hoeven we mannen niet meer uit te leggen, maar hoe framen we een van de grote ontwikkelingen van de 21e eeuw: de feminisering van het artsenvak?
Alle input is welkom, en graag horen we nu al ‘wat wil jij van je VNVA netwerk?’

Lees meer...

De VNVA is een van de vele 'girls netwerken' om als vrouwelijke arts 'iets te brengen en te halen' op zakelijk of persoonlijk gebied. Vrouwen blijken soms wat huiveriger in netwerken dan het 'old boys network', maar het aantal vrouwennetwerken neemt nog steeds toe. Omdat vrouwennetwerken vaak met vergelijkbare zaken bezig zijn, zoeken we als bestuur (hernieuwd) contact met andere organisaties. Lydia Ketting is nog steeds onze vertegenwoordiger bij koepelorganisatie NVR (Nederlandse Vrouwen Raad) en we hebben eerder al gemeld dat we partner zijn geworden van Women Inc. Je kunt gratis lid worden van dit grote vrouwennetwerk dat momenteel vooral geld en gezondheid als speerpunten heeft. Zij organiseren veel activiteiten en zijn vaak aanwezig in de media en in deze Nieuwsbrief lees je onder andere de ervaringen van Geneviève Koolhaas. Ook hebben we uitgebreid gesproken met bestuursleden Anneke van Doorne, Jacqueline Santen en Noëlle Leufkens van de VVAO, de Vereniging voor Vrouwen met een Academische Opleiding. Elders in de Nieuwsbrief vind je een korte introductie en link naar hun website. Hun doelstellingen zijn zeer herkenbaar en het kan heel boeiend zijn om eens aan te schuiven bij hun (lokale) netwerken en trainingen en andere academische vrouwen te ontmoeten. Recent hebben we het LVNH (Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren) op bezoek gehad, in de persoon van Marinel Gerritsen en ook hier staat het netwerken, vrouwelijk talent stimuleren en het beïnvloeden van de agenda van universiteitsbestuurders hoog op de agenda. De website van het LVNH bevat een schat aan gegevens over vrouwelijke (en mannelijke) studenten en hoogleraren, en met name de onderstaande grafiek is illustratief.

weten-mv-g2

Op 16 april was ik aanwezig bij een bijeenkomst van universitaire netwerken zoals de LVNH, VVAO, vrouwennetwerken van LUMC, Wageningen en Utrecht en Amsterdam. Bestuurders van deze organisaties wisselden hun ervaringen uit, met opvallend veel overeenkomsten. Zo hebben alle netwerken doelen als netwerken, versterken van de professionele ontwikkeling van vrouwen, het bevorderen van vrouwen in hogere functies, aandacht vragen voor werk privé balans, adviseren en het aandragen van genderthema's. Ondanks de gedrevenheid en het plezier in het (meestal vrijwilligers)werk, hebben veel vrouwennetwerken soms moeite zich duidelijk te profileren naar de buitenwereld, zijn er vaak weinig actieve leden en blijken jonge mensen geen lid meer te worden. In verschillende werkvormen onder leiding van trainer Linda van der Wal (zie ook haar boek bij de recensies) kwamen we tot een lange lijst tips en aandachtspunten, met als een van de speerpunten gebruik maken van elkaar netwerk(activiteiten) dus dat sluit mooi aan bij onze strategie. De komende maanden zullen we als bestuur kijken welke aanbevelingen we als VNVA kunnen toepassen. Ook gaan we door met het netwerken met andere organisaties en wisselen we agenda's uit op de website. 

Heb je een tip voor een vereniging of netwerk, laat het ons even weten. En netwerken binnen de VNVA blijft inspirerend, dus heb je zin om in je regio zelf een netwerkbijeenkomst te organiseren, neem dan contact op met het VNVA secretariaat.

Lees meer...

Zorginnovatiereis klNet als voorgaande jaren heeft de VNVA een uitnodiging gekregen om mee te gaan met de Zorginnovatiereis. Het is een reis voor onder andere zorgbestuurders en vertegenwoordigers uit allerlei curatieve sectoren, zorgverzekeraars, patiëntenverenigingen en beroepsorganisaties, en gezien het kleine aantal vrouwelijke deelnemers (tien procent) was hier van diversiteit nog onvoldoende te merken. Wel was in de gesprekken tussendoor veel ruimte om onderwerpen aan de orde te brengen zoals het grote aantal werkloze jonge klaren (80% is vrouw bleek uit een recente enquête van de Jonge Orde), seksespecieke zorg en de redenen om tijdens de opleiding zwanger te worden. Werk en privé combineren blijft een boeiend onderwerp, en verder is er, mede naar aanleiding van de opmerkingen uit de ledenraadpleging, ook veel gesproken over marktwerking in de zorg en de gevolgen voor de professional (en gelukkig waren er ook meerdere huisartsen en medisch specialisten om de dagelijkse praktijk te illustreren.

De reis ging naar België, een land dat we kennen vanwege het remgeld en het zelf kiezen van je arts (met hoofdpijn mag je naar de neurochirurg als je dat wilt). Tijdens de vele bezoeken aan eerste en tweede lijn, ministerie en Europese commissie werd het beeld een stuk genuanceerder. Artsen moeten vaak hard werken om hun patiënten bij zich te houden, zorgprofessionals zijn nauwelijks georganiseerd, (er is geen tegenhanger van de VNVA en de feminisering is groeiende), mutaliteiten (ziekenfondsen) pompen het geld door dat patiënten voorschieten en doen nauwelijks aan regelgeving, er zijn veel ligdagen, en de financiering van de zorg is erg lastig. Daarentegen zouden patiënten tevreden zijn met de vrije keuze en het stabiele systeem, de zorgkosten zijn grotendeels vergelijkbaar met Nederland en er heerst geen cultuur van indicatoren en verantwoording afleggen . Het viel op dat de sfeer erg ontspannen was, en dat veel meer dan in Nederland de patiënt als uitgangspunt leek te nemen, ook rond het EPD (waar de patiënt met zijn identiteitspas elke zorgverlener kortdurend toestemming kan geven het systeem in te zien, om te beginnen op medicatie). De algemene indruk was dat we nog wel wat kunnen leren van de meer ontspannen houding, ruimte voor initiatief en de beperkte regelgeving waardoor het vertrouwen van en in de patiënt en zorgverlener ook in Nederland kan groeien en de zorg meer ruimte kan geven dan nu het geval is. Ik hoop dat we rond dit thema de komende tijd meer gaan horen.

Uit de reis heb ik in elk geval een concreet verzoek aan de VNVA meegekregen. Zijn er ideeën vanuit de VNVA om het probleem van werkloze jonge klaren op te lossen of te verminderen? Heb je ervaring met initiatieven, ben je zelf in deze situatie of heb je tips om aan de slag te komen, laat het de VNVA weten.

Lees meer...

VNVA in het kort

  • De VNVA behartigt de belangen van de vrouwelijke artsen. De vereniging acht het van groot belang dat alle vrouwelijke artsen hun talenten optimaal kunnen benutten en daardoor een hun passende positie in de gezondheidszorg kunnen innemen. Tevens zet de vereniging zich in voor het inweven van seksespecifieke geneeskunde in opleiding en praktijk. Daarbij stimuleert de VNVA de gewenste maatschappelijke veranderingen…

Volg ons

VNVA op sociale media